Maandag 13 augustus 2007 | Redactie Wereldjournalisten | Reacties: 1
M.J. Garssen, J. Hoogenboezem en A.J. Kerkhof verrichtten onderzoeken naar zelfdoding onder de Surinaamse groeperingen en kwamen tot bovenstaande opvallende conclusie. De drie wetenschappers onderzochten 339 zelfdodingen onder Surinamers in de periode 1996-2005. Daaruit blijkt dat 147 Creoolse en 166 hindoestaanse Surinamers zelfdoding pleegden. Onder de Javanen werden 11 en onder de Chinezen 15 zelfdodingen geteld.
Bij uitsplitsing blijkt dat het sterftecijfer voor hindoestaanse vrouwen vrijwel op hetzelfde niveau ligt als die voor autochtone vrouwen. Terwijl creoolse vrouwen naar verhouding minder vaak zelfdoding plegen. De zelfdodingscijfers van hindoestaanse en creoolse mannen zijn ongeveer 3x zo hoog als die van de vrouwen in deze groepen.
Wat het onderzoek verder aantoont is dat creoolse Surinamers vooral op relatief jonge leeftijd (tot circa 35 jaar) zichzelf doodden en hindoestaanse mannen vooral naarmate hun leeftijd vordert.
De oorzaken zijn nog niet goed onderzocht, maar een aantal mogelijke oorzaken willen de onderzoekers wel noemen. Zo blijken Nederlandse Surinamers een verhoogde kans op zelfdoding mee te nemen uit het land van herkomst. Andere oorzaken kunnen gezocht worden in het migratieproces, maar de onderzoekers denken dat vooral de culturele achtergrond bepalend is voor de zelfdoding: het leven in een individualistisch gerichte samenleving in plaats van een collectief gerichte samenleving. En net als Marokkaanse Nederlanders blijken Surinaamse Nederlanders gevoelig te zijn voor schizofrenie.
De druk op hindoestaanse mannen om succesvol te zijn is vanuit de familie groot. Hindoestanen beschouwen zichzelf doorgaans als vooruitstrevend en ambitieus. Als de man niet aan deze verwachtingen kan voldoen, treedt reputatieverlies op. Ook bij jonge creoolse mannen geldt reputatieschade als een motor om tot zelfdoding over te gaan. Voor beide groepen lijkt te gelden dat identiteit en zelfrespect kwetsbaar zijn bij teleurstellingen.
De onderzoeken zijn gepubliceerd in het Tijdschrift voor Psychiatrie 49 (2007) en het Tijdschrift voor Geneeskunde 150 (2006)
Dit artikel wordt besproken op www.hindostaansediapora.hyves.nl