Donderdag 18 september 2008 | Arjan Schuiling | Reacties: 2
Wekker reageert op het pleidooi van minister Guusje ter Horst van Binnenlandse Zaken om in kaart te brengen tot welke bevolkingsgroep mensen behoren die in aanraking komen met justitie. Ter Horst stelde eerder deze week in Het Parool dat dat de registratie juist zou kunnen bijdragen aan het oplossen van de problemen van minderheden.
Wekker waarschuwt dat zo’n registratie zal leiden tot ‘racial profiling’: de cijfers voeden een bepaald beeld dat mensen van etnische groepen hebben en dus zal iedereen die afkomstig is uit die groep volgens dat beeld worden beoordeeld. De hoogleraar trekt een parallel met de verplichte registratie van de etnische achtergrond van werknemers bij grote bedrijven in de negentiger jaren, met de bedoeling dat deze bedrijven meer allochtonen in dienst zouden nemen. “Wat is daarvan terecht gekomen, niets toch?”
Volgens het Parool is er in de Tweede Kamer een meerderheid van CDA, PvdA en VVD te vinden die voor de registratie is, maar dat wil nog niet zeggen dat de registratie er ook komt. Al in 2004 diende Boris Dittrich (D66), Margo Kraneveldt (toen nog LPF, inmiddels PvdA) en Ayaan Hirsi Ali (VVD) een motie in om de plegers van huiselijk geweld te registreren naar etniciteit met de bedoeling om huiselijk geweld beter te kunnen bestrijden.
Drie jaar en twee pilotprojecten later meldde Justitieminister Ernst Hirsch Ballin dat er geen landelijke registratie van de etnische achtergrond van plegers van huiselijk geweld zou komen omdat alle extra administratieve inspanningen niet opwogen tegen mogelijk nieuwe inzichten. Hirsch Ballin wees de registratie af op advies van het Wetenschappelijk Onderzoeks- en Documentatie Centrum (WODC). Opmerkelijk genoeg was er al meer dan tien jaar geleden vanuit dat zelfde WODC een voorstel gelanceerd om tot een etnische registratie van criminelen te komen.
Oud-WODC-medewerker Ed Leuw bekeek de kwestie niet ideologisch maar vanuit wetenschappelijk oogpunt en stelde vast dat de toenmalige cijfers niet betrouwbaar waren omdat tweede generatie jongeren, in zijn visie ten onrechte, als autochtoon worden bestempeld. Leuw merkte tegelijkertijd op dat criminaliteitscijfers naar etniciteit wel moeten worden gecorrigeerd; er is een verband tussen leeftijd en criminaliteit (jongere leeftijdsgroepen zijn oververtegenwoordigd in de criminaliteitscijfers en de gemiddelde leeftijd onder allochtonen is jonger). Bovendien is er een verband tussen sociaal-economische positie en criminaliteit en relatief veel allochtonen behoren tot de lagere sociaal-economische klasse.
De huidige minister-president van Frankrijk Nicolas Sarkozy liet zich in februari 2006, toen hij pleitte voor etnische registratie van verdachten, weinig gelegen liggen aan bovenstaande nuances. Sarkozy was toen nog minister van Binnenlandse Zaken en had te maken met hevige rellen in de voorsteden en enkele brute treinroven. Hij vond dat “geen elementen mochten worden achtergehouden die ons kunnen helpen bepaalde verschijnselen beter te begrijpen”.
Ondanks het feit dat Sarkozy nu de machtigste man is in Frankrijk, is zo’n etnische registratie er nooit gekomen omdat er een storm van protest opstak in het land van Liberté, Egalité et Fraternité. Niet alleen de Franse grondwet verhinderde de registratie maar ook bijvoorbeeld het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM). Tegen die achtergrond is het pleidooi van Ter Horst opmerkelijk.
Het Sociaal- en Cultureel Planbureau (SCP) is in opdracht van minister Vogelaar aan het onderzoeken of het wenselijk is om de etniciteit van criminelen te registreren. Vogelaar heeft het verminderen van het aandeel van niet-westerse migranten in de criminaliteit tot één van de speerpunten van haar beleid uitgeroepen.
De uitzondering bevestigd de regel. Ik woon namelijk ook in Z-O en ik ken de meeste dienders toch wel van gezicht. De donkere zijn op één hand te tellen. Op zich niets mis mee maar haar gevoel herken ik. Het lijkt soms wel een razzia. De hoogleraar gaf haar gevoel weer en dat lijkt mij niets anders dan de onveiligheids gevoelens van zovelen in Amsterdam waar genoeg beleid voor wordt gemaakt.
Ik ben op het metrostation Ganzenhoef gefouilleerd door een hele aardige, meneer van de politie. Deze meneer had een heel donker uiterlijk en zijn ouders waren afkomstig uit Suriname (mijn inschatting). Ik heb ook meerdere politieagenten gezien waarvan hun ouders echt niet zijn opgegroeid met boerenkool met worst. Ik vind de stelling: Witte politie, zwarte reizigers, nergens op slaan.