Dinsdag 25 november 2008 | Ingezonden brief | Reacties: 5
De film “Episode 3 – Enjoy Poverty”, van kunstenaar/filmmaker Renzo Martens, waarmee het International Documentary Filmfestival Amsterdam vorige weekgeopend werd, moest, volgens de vooraankondigingen, de toeschouwers voortdurend op een verkeerd been zetten. De armoede waarin het grootste deel van de Congolezen leeft, wordt misbruikt en voor eigen gewin opgeëist door de rest van de wereld, terwijl het bezit van die armoede de Congolezen zelf toekomt.
Een op zich interessante stelling, waar beslist een goede, discussie opwekkende en flink controversiële film mee te maken is. De techniek van kijkers op een verkeerd been zetten kan daarbij uitermate effectief zijn. Wat donderdagavond vertoond werd, was echter nauwelijks controversieel te noemen, omdat het slechts een schaamteloze egotrip was van een man die pretendeerde dat hij nu wel eens even op een uiterst ingenieuze en onorthodoxe wijze de kern van een probleem met een fileermes zou blootleggen.
Niets daarvan. Na een kwartier waren zowel het kunstje waarvan hij zich bediende als zijn zogenaamde boodschap glashelder. Na nog een kwartier was zijn narcistische, egocentrische en meedogenloze persoonlijkheid meer dan glashelder. De verkeerde controverse dus. Niet de inhoudelijke stellingname blijkt bij deze film het twistpunt, maar de wijze waarop de filmmaker te werk is gegaan.
Het verkeerde been blijkt het verkeerde keelgat. De botte, cynische wijze waarop deze figuur meent om te kunnen gaan met Afrikanen, om te tonen hoe bot en cynisch de rest van de wereld met Afrikanen omgaat, is ronduit walgelijk. Hoe deze mislukte grappenmaker het waagt om hongerende, stervende en rouwende mensen zo te misbruiken voor zijn project, is iets wat een minder cynische en meedogenloze toeschouwer met stomheid slaat.
Het publiek in de zaal had het er dan ook moeilijk mee, gelukkig. Waar andere, inhoudelijk controversiële films bij een première op een donderend applaus kunnen rekenen, was van zoiets hier geen sprake. Bij de aftiteling klonk er een mat, obligaat applaus, dat snel wegstierf. Even later begon in het duister van de zaal weer iemand te klappen. Een deel van het publiek deed automatisch even mee, heel kort. Voor een derde maal probeerde iemand het applaus op gang te krijgen, maar verder dan wat beleefd geklap kwam het niet. Toen het licht aanging, bleek dat er enkele bewonderaars en familieleden hun best deden er nog wat van te maken, maar dat lukte slecht.
Ally Derks, de festivaldirecteur, zoende de naar voren komende filmmaker enthousiast, alsof ze daarmee iets wilde bewijzen. Haar verkeerde keuze voor de openingsfilm laat zich echter niet wegzoenen. Als je je als festivaldirecteur zo in de luren laat leggen door een pretentieuze kwast, heb je een hele grote beoordelingsfout gemaakt.
Kees Putman
Documentair filmmaker
10 jaar ervaring in Afrika en Azië
Disclaimer: Dit is een ingezonden brief. De redactie geeft ruimte aan meningen van derden, maar dit betekent niet dat daarin het standpunt van Wereldjournalisten.nl wordt weergegeven.
Dat de zaal het er moeilijk mee had, is wsl. omdat ze geconfronteerd werden met een pijnlijke waarheid: het racisme door hulporganisaties die vinden dat alleen westerse fotografen foto's mogen maken van arme negers en dat de negers zelf niet toestaan. Niet de film is walgelijk, maar de praktijken erin. meneer Putman, het is wennen aan een film over hoe slecht we zijn ipv hoe goed we zijn.....
Ik heb de film en de uitzending van Pauw en Witteman gezien.Ik vind Renzo integer. Hij is er eerlijk over dat deze film hem vooruit helpt, hij maakt naam als documentairemaker en kunstenaar en de mensen in Congo zien daar weinig van terug. Maar ik durf best te wedden dat de Novibkalender van 2010 foto's van Afrikaanse fotografen bevat. Dat wordt de nieuwe standaard in de hulpindustrie.
Ik vind deze keuze voor deze film als openingsfilm overigens verschrikkelijk. Het is overduidelijk een schreeuw om aandacht. Het ligt er te dik bovenop dat er een beladen thema gekozen is. Deze gemakkelijke keuze hebben ze vast gemaakt om de genodigden en sponsoren te laten zien hoe maatschappeljk verantwoord ze wel niet zijn.
Eduard, ik ben ten dele met je eens. De schrijver had misschien eerst even tot 10 moeten tellen voordat hij dit schreef, dan had hij het ojectiever beschreven. Desalniettemin schrijft hij het overtuigend, en denk ik dat hij gelijk heeft (helaas). Verder haal jij aan dat het om een artikel gaat, er staat bovenaan het stuk toch echt dat het een ongezonden brief betreft.
Een voorbeeld van een slecht artikel: wel je mening geven, maar het blijft onduidelijk waarop die is gebaseerd: er is geen enkel voorbeeld uit de film genoemd.... Hiermee bereik je hooguit iets bij de mensen, die het toch al eens zijn met de recensent.