Zaterdag 06 februari 2010 | Wensly Francisco
Een overvolle zaal in het universiteitsgebouw, onderstreepte de interesse van studenten en leraren in de vraag of er ruimte moet zijn voor een islamitische universiteit danwel religie op de universiteit. In het openingsgesprek met de lokale Tilburgse politiek viel te merken dat het onderwerp religie een heikel onderwerp is binnen alle fracties. Immers, religie is niet per definitie iets waar de politiek geen rekening mee hoeft te houden. Dit leidde tot een debat over bijvoorbeeld het wel of niet subsidiëren van aparte zwem- en fietslessen voor moslimvrouwen, terwijl de uitgenodigde lokale politici van zowel PvdA- (wethouders Jan Hamming), SP- (wethouder Johan Van den Houten) als VVD-huize (fractievoorzitter Roel Lauwenier) daarbij steeds benadrukten dat kerk en staat wel van elkaar gescheiden dienden te blijven. De kernvraag van het symposium of een islamitische universiteit bestaansrecht heeft, werd door deze zijdiscussies omzeild.
Zwak debat
Met een boze reactie wees de voorzitter van de 'Samenwerking Landelijke Moslimstudenten', Rafih Berkane, en voorstander van een Islamitsche universiteit, de politici dan ook op het dwalend debat: 'Met alle respect, ik vind het een heel zwak debat, want we missen de essentie van het verhaal, het gaat hier om onderwijs. Noem mij alstublieft argumenten waarom u een specifieke doelgroep (moslims, red.) ontziet van het opdoen van kennis?' Een luid applaus afkomstig van overwegend moslimstudenten galmde door de collegezaal van de universiteit. 'Als je het hebt over het bestuderen van bepaalde sociale ontwikkelingen of sociale fenomenen, en de islam kan een sociale fenomeen zijn dat je bestudeert, dan is dat wat anders dan vanuit de islamitische levenswijze vraagstukken gaan bestuderen. Daar zit een cruciale verschil in. Op deze universiteit wordt ook de islam bestudeerd, maar dan wel vanuit de wetenschappelijke basis die hier ligt en niet vanuit een specifieke religieuze basis', beantwoordde Lauwenier Berkanes vraag.
Als verwezen wordt naar islamitische universiteiten in landen als Jordanië en Egypte (Al-Azhar, zie foto), antwoordt hij: 'Ja en daar wil ik graag ver van blijven. Islam op de Universiteit is niet wenselijk, niet nodig en niet verstandig. We zijn dan belastinggeld aan het betalen voor verzuiling.' Lauwenier leek even te vergeten dat de universiteit van Tilburg van oudsher een katholiek signatuur heeft, die overigens nog steeds lichtelijk vanuit het college van bestuur in leven wordt gehouden.
Islamitische of joodse wetenschap?
'Hoe weten we dat Mohammed heeft bestaan?', dat was altijd de eerste vraag die Fouad Laroui, schrijver van het boek 'Over het Islamisme' en docent aan de
Universiteit Van Amsterdam (UvA), aan zijn leerlingen stelde tijdens zijn eerste les Arabische cultuurkunde, memoreert hij. Laroui is een van de sprekers op het symposium. 'De vraag "hoe weten we dat Mohammed bestaan heeft?", is een legitieme vraag. Dat is wat je doet op een universiteit, je stelt vragen. Er is geen taboe', zegt Laroui.
Hij verwerpt de vraag of er een 'islamitische' wetenschap bestaat en daarmee impliciet ook de behoefte naar hoger islamitisch onderwijs. Laroui: 'Wat is islamitische wetenschap? In de jaren 20 en 30 van de vorige eeuw, in nazi-Duitsland werden 2 theorieën als joodse wetenschap beschouwd: de psychoanalyse van Freud en de relativiteitstheorie van Einstein. Of het is wetenschap of het is geen wetenschap, er is geen joodse wetenschap en er is geen islamitische wetenschap. Iemand die dat niet weet of dat niet begrijpt, heeft niets te zoeken op een universiteit.'
Ora et labora: bid en werk!
In de collegezaal heerste een verbazingwekkende stilte onder de studenten gedurende de les van Laroui, die met vlijmscherpe woorden de grens trok tussen religie en wetenschap. 'Je hebt het oratorium en het laboratorium. Je kunt ook een moslim zijn die aan wetenschap doet', hiermee doelt hij op het feit dat je overtuigd moslim kan zijn, maar toch de religie kan thuislaten om op werk of studie de wetenschap te beoefenen.
De schrijver/docent verwees naar de werkwijze van de Arabieren in de 12de eeuw rond religie en wetenschap. 'Vroeger waren het de Arabieren die aan wetenschap deden. Het waren inderdaad moslims, maar ze hielden hun geloof apart. Jammergenoeg geeft dat aan wat wij toen waren en wat wij helaas nu zijn geworden. Als je voor jezelf duidelijk de wetenschap van de religie kunt
scheiden, dan zullen er geen spanningen meer bestaan', stelt Laroui. Met een luid gejuich werd de speech van de UvA-docent ontvangen, die tegelijkertijd bij de studenten ook de nodige onderlinge discussies losmaakten.
Haïti
Rajae, een bezoekster en docent, die alleen met haar voornaam in dit artikel genoemd wil worden, spreekt over een 'basale vorm van denken' onder sommige moslimstudenten. Rajae denkt zelf dat door deze denkwijze en het koppelen van islam aan de wetenschap, mensen niet op zoek gaan naar wetenschappelijke verklaringen voor gebeurtenissen. 'Kijk naar de aardbeving op Haïti, als je aan een moslim die niet gestudeerd heeft, vraagt wat de reden is van die aardbeving, dan zal hij zeggen, het is de straf van god, maar gek genoeg reageren sommige academici ook zo.' Op de vraag waarom Rajae niet met haar volledige naam genoemd wil worden, geeft ze aan dat haar zienswijze soms door haar gemeenschap niet in dank wordt afgenomen.
Terug naar god
Door de omzichtige houding van de meeste aanwezige politici en sprekers, bleef het onduidelijk of men in de toekomst vanuit een religieuze basis kennis kan op doen op een al dan niet islamitische universiteit. Via een vilterdun laagje leken zij zich te willen verschuilen achter lokale problematiek of filosofieën. Maar aan de andere kant leek het verhaal van Laroui van een gescheiden wereld tussen islam en wetenschap ook wel aan te slaan bij moslimstudenten. Op de vraag van de Wereldjournalisten.nl aan Laroui, dat vaak geldt dat hoe geleerder men wordt, hoe minder men gaat geloven en of hij daardoor ooit aan zijn geloof heeft getwijfeld, antwoordde hij: 'Een beetje wetenschap brengt je ver van god, heel veel wetenschap brengt je terug naar god.'