Woensdag 28 april 2010 | Shantie Ramlal-Jagmohansingh | Reacties: 3
Ver voor de 9de eeuw wordt door Mallanaga Vatsyayana een leerboek over de wetenschap van de liefde geschreven in het Sanskriet; de taal van de grote klassieke literatuur van het Indiase subcontinent en de oudste levende Indo-Europese taal. Het boek kreeg als titel Kamasutra en staat nu wereldwijd bekend als één van de bekendste werken op erotisch vlak. In Nederland heeft het geschrift een bijzondere connotatie gekregen vanwege de jaarlijks georganiseerde beurs met dezelfde naam. Maar dekt dit imago de lading van het boek wel?
Intellectuele verkenning
Volgens Herman Tieken (specialist Sanskriet en Tamil en Hoogleraar aan de Universiteit Leiden) die het boek rechtstreeks vertaalde uit het Sanskriet is de Kamasutra ‘geen seksboek maar een intellectuele verkenning’. Volgens hem is het boek ‘verworden tot een seksboek’ omdat het wereldwijd al snel een cultstatus kreeg. De auteurs van de Kamasutra hadden volgens Tieken echter helemaal niet de bedoeling een populair boek te maken dat breed zou worden verspreid. Het werk is volgens hem juist geënt op een geschrift over de manier waarop een koning zijn rijk bestuurt. Ook geeft hij aan dat het merkwaardig is dat een boek dat internationaal bekend staat als seksboek, in werkelijkheid niet eens zo buitensporig veel aandacht aan dat onderwerp besteedt. Een groot deel van het boek gaat namelijk over de vraag, hoe kom ik aan een vrouw en hoe houd ik haar?
Richard Francis Burton
Veel van de misverstanden zijn volgens Tieken ontstaan door Richard Francis Burton, één van de eerste vertalers van de Kamasutra. Richard Burton was een Brit die leefde van 1821 tot 1890. In zijn jonge jaren werd Burton van Oxford gestuurd en ging vervolgens het koloniale leger in. Zodoende kwam hij in India terecht, een land dat hij vanaf het begin fantastisch en fascinerend vond. Hij wilde zich zo snel mogelijk de Indiase talen eigen maken. Naast studeren had
hij hier een bijzondere methode op gevonden. Hij vermomde zich regelmatig om zich zo ongemerkt tussen de Indiase bewoners te kunnen bewegen. Er is een voorval bekend uit 1848 waarin hij onder de naam Mirza Abdullah rond reisde. In de loop der jaren nam zijn drang naar kennis van de Oosterse wereld steeds meer toe. Hij reisde veel en beleefde talloze avonturen. Zo is Burton de eerste niet-moslim, althans waarvan we het weten, die Mekka heeft bezocht. Ook zocht hij in 1857 met de Britse John Hanning Speke naar de bronnen van de Nijl. Er zijn veel boeken verschenen over zijn ervaringen. In zijn eigen geschreven werk valt op dat hij bijzonder veel aandacht schenkt aan alles wat met erotiek te maken heeft.
De eerste vertaling van de Kamasutra verliep in 3 stappen. Pandit en hoogleraar Bhagwanlal Indrajit, die later een eredoctoraat ontving in Leiden, vertaalde het boekwerk als eerste naar het Gujarati. Door een anonieme pandit werd deze tekst vervolgens vertaald naar het Engels. Het Engels is opgepoetst door Foster Fitzgerald. Richard Burton heeft er uiteindelijk diverse noten bij gezet, die een obsessie onthullen omdat hij zich louter focust op bizarre voorvallen met een erotische lading.
Latere uitgaven van de Kamasutra zijn hoofdzakelijk vertalingen van deze eerste Engelse versie. Opvallend is dat alle vertalers alleen geïnteresseerd lijken te zijn in de seksuele details. Het imago van het boek, wat internationaal is ontstaan door Burtons obsessies, is dus een eigen leven gaan leiden. Dat terwijl er volgens Tieken niet eens zoveel expliciets in het boek staat. De Kamasutra bestaat uit 7 boeken, waarvan er maar 1 expliciet over seks gaat. Bijna alle vertalers zoomen hier echter op in en laten de rest van de tekst grotendeels buiten beschouwing.
Gezelschapsspel
Maar wat is de Kamasutra dan eigenlijk wel? Met welk doel werd het geschreven? Volgens Tieken is het een boek geschreven in hoogstaand academisch Sanskriet door een kleine club literaire elite, die niet de bedoeling had om het geschrevene breed te verspreiden. Het boek staat vol met rijtjes en opsommingen, variërend van de talloze manieren om te nagelkrassen in de huid van je geliefde, tot de verschillende wijzes waarop je de ander kan omhelzen. Een voorbeeld: er wordt onderscheid gemaakt naar 8 typen
nagelkrassen, vernoemd naar de sporen die ze achterlaten in de huid: kras met kippevel, de halvemaan, de cirkel, het streepje, de tijgerklauw, de pauwenpoot, de hazehuppel en het lotusblad. Na afloop wordt vermeld dat de opsomming niet compleet is en dat het de bedoeling is om deze met de eigen fantasie nog verder aan de vullen. Zo bezien is de Kamasutra eigenlijk een groot gezelschapsspel, vergelijkbaar met ‘ik ga op vakantie en ik neem mee’, alleen dan voor een rijke elite. Een rijke elite met zoveel vrije tijd, dan een deel hiervan kon worden besteed aan het verzinnen van zoveel mogelijk manier om met je nagels te krassen, om te zoenen, etc. en dit vervolgens in prachtig academisch Sanskriet op te schrijven.
Literaire grap
Verder beweert Tieken dat de Kamasutra eigenlijk een literaire grap is. Het zou eigenlijk een parodie zijn op de Arthashastra, een belangrijk eeuwenoud geschrift en wetboek over het koningsschap. De Arthashastra heeft namelijk dezelfde opbouw als de Kamasutra; het is een handboek met verschillende opsommingen en rijtjes. De koning in de Arthashastra is in de Kamasutra vervangen door de minaar. De opsommingen van verdedigingstechnieken zijn vervangen door de verschillende technieken van bijvoorbeeld het nagelkrassen. De Kamasutra is bij nadere beschouwing dus een verhandeling met wetenschappelijke pretenties. Maar die pretenties zouden onderdeel zijn van een grap, die eruit bestaat om seks te behandelen alsof het om een zaak gaat van eenzelfde importantie als het koningsschap en het landsbestuur. Volgens de schrijver is een van de belangrijkste dingen van de Kamasutra niet om te informeren, maar, eigen aan het literaire hoogstaande Sanskriet, om te imponeren.
Parodie op parodie
De Kamasutra wordt geschreven vanuit het perspectief van een een ‘ideale minnaar’: rijk genoeg om niet te hoeven werken en alle tijd voor alle aspecten van de erotiek. Volgens Tieken is het een persiflage van de Arthashastra. Maar ook de Kamasutra blijkt op de hak te zijn genomen. Dat gebeurt in de Sattasai: korte tweeregelige gedichten waarin toespelingen op relaties worden gemaakt.
In de Sattasai wordt de draak gestoken met het stappenplan van de Kamasutra. Het is erotische poëzie tegenover de technische verhandelingen en opsommingen in de Kamasutra, bijvoorbeeld over een minnaar die zijn vrouw wil liefkozen volgens de regels uit het boek, maar blundert omdat hij geen rekening houdt met de daadwerkelijke context.
Alchemie van verlangen
Volgens Tieken is de Kamasutra dus een literaire grap. Maar hij gaat nog verder in zijn argumentatie. Hij stelt de vrije erotische moraal van het klassieke India ter discussie en zegt dat dit beeld een eigen leven is gaan leiden door de vertaling van o.a. Burton en dat de werkelijkheid er totaal niet mee overeenstemt. Maar schiet hij nu niet te ver door in zijn redeneringen?
De Indiase Tarun Tejpal schreef ‘De alchemie van het verlangen’, een boek dat op de achterflap wordt aangeprezen als een gedurfde sensuele roman en een hoogst erotisch liefdesverhaal. Dit jaar werd het boek besproken op het literaire evenement Winternachten. Veel (Hindoestaanse) Nederlanders vonden de expliciete en tegelijkertijd poëtisch erotische beschrijvingen bijzonder verrassend voor een schrijver uit het door velen gezien als cultureel conservatieve India. Maar stemt dit conservatieve beeld van India wel overeen met de werkelijkheid? Zelf zegt Tejpal er in een interview het volgende over:
'Als schrijver probeerde ik me open te stellen voor de benadering van het lichaam in het klassieke hindoeïsme. Dat gaat uit van de vergankelijkheid van het lichaam, maar koestert het lichaam ook, net zoals het de geest en het hart koestert. Het klassieke hindoeïsme celebreert het lichaam, het geeft hoog op van seksueel genot. De Kamasutra is een bekend voorbeeld, maar ook de oude hindoetempels en andere geschriften en verhalen getuigen daarvan. Het klassieke hindoeïsme zegt dat je als mens je lichaam hebt gekregen om het te vieren. Dat verschilt sterk van het schuldcomplex waarmee andere religies het lichaam overladen.'
De tand des tijds
De stelling van Herman Tieken duidt misschien op het volgende: de Kamasutra is niet het enige werk uit India van erotische aard, maar het is wel het meest expliciete en ook het meest technische. Andere verhalen en boeken uit India over hetzelfde onderwerp voeren echter een hele andere toon. De liefde tussen 2 mensen, ook de lichamelijke kant, wordt gecelebreerd zoals Tejpal zegt. En niet op een technische manier zoals in Kamasutra, maar eerder poëtisch zoals in de Sattasai.
Het feit dat alle goden in het hindoeïsme bestaan uit een mannelijke en vrouwelijke wederhelft is veelzeggend. Verder bestaat er in het hindoeïsme wel degelijk een god van de liefde en de begeerte, genaamd Kama. Andere
voorbeelden zijn de alom bekende verhalen en afbeeldingen van de verliefde Radha en Krishna en het verhaal waarin wordt beschreven dat god Shiva en godin Parvati niet gestoord willen worden tijdens hun liefdesspel.
Was en is India nu wel of geen erotisch vrijgevochten land? Het antwoord ligt, gezien de omvang, diversiteit en caleidoscopische aard van het subcontinent (India is eigenlijk een wereld in een wereld) waarschijnlijk in het midden. De vraag die nu nog rest: hoe zal de Kamasutra de tand des tijds doorstaan? Krijgt de vertaling en interpretatie van Herman Tieken wereldwijde bekendheid, of blijft het voor de massa toch eenvoudiger en spannender om de Kamasutra te zien als een sensueel hoogst erotisch handboek?
Mooi stuk! Zijn er later anderen geweest die de Kamasutra uit het Sanskriet hebben vertaald?
Weer een prachtig stuk. Bedankt voor de mooie analyse.
Wat een mooi stuk en goede analyse. Over India zijn inderdaad weinig generalistiche uitspraken te doen, een wereld op zich is een juiste benaming.