Zondag 18 september 2011 | Melissa Valk | Reacties: 1
Dat vrouwen met een boerka beboet worden, impliceert naar mijn mening dat zij een gevaar vormen. Net als iemand die een boete krijgt voor het rijden door rood licht, omdat deze dan een gevaar is voor anderen in het verkeer. Of iemand die een boete krijgt voor het dragen van een wapen, omdat hij dan iemand fysiek zou kunnen aanvallen en zwaar verwonden. Maar is een vrouw in een boerka evenzo gevaarlijk? In die zin dat zij medelanders in gevaar brengt door ondoordachte handelingen, of dat zij zelfs een direct gevaar vormt, als iemand met een wapen op zak?
De politiek doet ons geloven van wel. Volgens het CDA is godsdienstvrijheid een groot goed in Nederland, maar niet onbegrensd. Een boerka zou storen in communicatie, en de vraag oproepen wie er nu daadwerkelijk onder de gelaatsbedekkende kleding zit. De VVD vindt dat boerka’s en andere gelaatsbedekkende kleding, zoals bivakmutsen en integraalhelmen met ondoorzichtig vizier, een bedreiging vormen voor de veiligheid. De PVV gaat een stap verder in beredenering. Die is van mening dat een boerka een absolute afwijzing is van westerse waarden en normen.
Als vrije Nederlander kan ik me in al de bovengenoemde argumenten niet vinden. Vrijheid betekent naar mijn mening, en volgens mij ook in leidende contexten dat je kunt zijn wie je bent. Wet- en regelgeving zouden je daarin moeten voorzien. Met als achterliggende gedachte dat in onze diversiteit, we binnen bepaalde grenzen van het al dan niet gevaarlijk zijn voor de ander, ons vrijuit kunnen gedragen en uiten. Het boerkaverbod beperkt Nederlandse vrouwen juist hierin.
Het probleem van een vrouw in boerka is, dat zij symbool is geworden van vrouwenonderdrukking en van islamitisch terrorisme, waardoor zij een gevoel van onbehagen opwekt. Dat de meerderheid van de 150 vrouwen die in Nederland de boerka draagt dat geheel uit eigen individuele overweging doet, wordt niet gezien. In dat licht zijn boerka dragende vrouwen dan ook slachtoffer van beeldvorming en de eigen overheid, omdat zij de belichaming geworden zijn van de vermeende voortdurende islamitische dreiging die heel Europa treft. In die zin is de PVV het meest expliciet in het weergeven van die mening. Partijen als CDA en VVD gebruiken argumenten die als een sluier deze waarheid verbergen.
Want denk je nu werkelijk dat communicatie in alle opzichten belemmering vormt, en is dat nu de essentie? Het is het idee waar je aan gewend bent dat als je fysiek tegenover elkaar staat, je elkaar zou moeten zien. Maar in een tijd waar we gewend zijn op afstand en zonder elkaar te zien met elkaar te converseren via telefoon en chat, vraag ik me af of het letterlijke face-to face contact nu altijd zo noodzakelijk is. Om nog maar te zwijgen van het aantal mensen dat daadwerkelijk een vrouw kent met een boerka of regelmatig met een vrouw in boerka in contact komt.
De boerka dragende vrouw in Nederland vormt geen gevaar voor onze samenleving. Het gevaar schuilt hem in een paternalistisch overheidsbeleid ten aanzien van deze kleine minderheid, die als symbool dient voor het ingebeelde moslimgevaar.
Haagse wetgevers verbergen achter zulke Haagse “kopvodden” haar falend bestuur. O.m. t.a.v. miljarden weggesluisde NLbelastingen v. US bedrijven die hier zijn gevestigd. Obama verklaarde daarom dat Nederland een belasting paradijs is. Dat vrouwen bij wet wordt beperkt in haar kledingkeuze hoort bij het Haagse kopvodniveau. a.zecha